LUIDSPREKERS & OHMS 

Ik ben bepaald geen speaker kast deskundige of luidspreker wizzard,
maar heb met de eigen Eastwood versterker bouw wel de nodige
experimenten in het verleden gedaan met allerlei soorten / merken /
typen speakers en kasten.

Dus neem er uit wat je kunt gebruiken aan tips en leerzame momenten .


1.
Hogere ohmage van serie / parallel geschakelde speakers geven over het algemeen iets meer bottom / laag 
en kunnen minder snel " crunchy" klinken. Dat is bijvoorbeeld bij 16 ohm speakerkasten.

Bij lage ohmage geschakelde speakers als totale impedantie, is er sprake van iets meer mid en hoog in de klank 
alsmede wat sneller crunchy. Dat is bijvoorbeeld bij 4 ohm speakerkasten.

Klank is een persoonlijk iets dus men moet zelf bepalen hoe men e.e.a. wenst in te vullen, alsmede de kwaliteit 
van speakers, gebruikte houtsoort van de kast, ontwerp / constructie, wel of geen bas poort / gevouwen hoorn 
aanbrengen in de kast, wel / geen dempingsmaterialen en natuurlijk niet te onderschatten de invloeden van het 
geluidskarakter en kwaliteit van de (buizen) versterker, gitaar / elementen, enz.

2.
Bij laagohmige kasten (4 ohm) is er sprake van meer stroom (ampere) door je bedrading. 
(5 ampère / 20 volt bij 100 watt)

Omgekeerd hieraan is dat bij hoogohmige kasten (16 ohm) er sprake is van lagere stroom en meer voltages 
door de bedrading. (2,5 ampère en 40 volt)

3)
Door 4 speakers te gebruiken van bijvoorbeeld 12 inch creëert men een oppervlakte van 4 x 12 inch aan geluid
maar vereist een grotere kast en is zwaarder en dat kan weer als een nadeel worden gezien, afhankelijk van  
persoonlijke omstandigheden
Voordeel van 4 speakers is ook nog dat het eigen vermogen per speaker niet altijd zo hoog hoeft te zijn, immers 
het vermogen per speaker keer 4 = het totale vermogen waarmede de speakers belast kunnen worden.

Bij 2 speakers is dat dus in alle opzichten de helft en zal men dus 2 x zwaardere speakers moeten gebruiken 
om het zelfde vermogen te krijgen.

4)
Het is wenselijk om de speakerkast zo te configureren dat het 2 x zoveel vermogen aan kan dan wat de 
(buizen) gitaarversterker aan vermogen kan afgegeven.
Deze "overhead" van speaker vermogen, voorkomt dat de speakers defect kunnen raken bij behalen van 
volume pieken in de versterker, zoals omschakeling van clean naar lead / overdrive, de (loop) geschakelde 
effecten en natuurlijk het (te) hoog opdraaien van de volume / gain regelaars.

5)
Het is wellicht een idee om bij een eventueel ontwerp van een speaker kast met 4 speakers, de 2 bovenste speakers 
elk in horizontale richting iets schuin van elkaar af  (in een hoek van 15 graden) te monteren 
en de 2 onderste speakers normaal recht. Daarmee is de spreiding van het geluid aantoonbaar groter geworden.

6)
De keuze van merk / type speakers is geheel open en naar persoonlijk inzicht in te vullen, mede afhankelijk 
van beschikbare budgetten.

Maar goede gitaar luidsprekers zijn nu eenmaal wel veel beter dan slechte.

Zie ook  het hoofdstuk: geluid en decibel

(c) 2008